FAQ Wedstrijdschermer

Wat is een wedstrijd?

Elke wedstrijd opgenomen in een wedstrijdkalender waarbij het competitie-element primeert, zowel voor de organisator als voor de deelnemers. Een wedstrijd verloopt volgens een erkende wedstrijdformule die resulteert in een eindklassement. De wedstrijdleiding valt onder de jurisdictie van de schermfederatie die de wedstrijdorganisatie heeft erkend.

 

Wanneer ben ik klaar om deel te nemen aan een wedstrijd?

Het is je trainer die aangeeft wanneer je klaar bent om deel te nemen aan een wedstrijd van een bepaald niveau. Het wordt aangeraden om toch minimum een jaar ervaring te hebben in de schermsport. Daarnaast moet men beschikken over een volledige schermuitrusting en het nodige materiaal en reservemateriaal conform de regelgeving van de organisator van de ontmoeting of de wedstrijd.

 

Wat aan de wedstrijd voorafgaat?

Aan het begin van het seizoen, of van het moment dat men klaar is om deel te nemen aan een wedstrijd, maak je samen met je trainer en ouders afspraken over welke wedstrijden er voor jou in aanmerking komen. Op die manier krijgt men een overzicht van de wedstrijden waar men aan deelneemt. Men noemt dit de wedstrijdplanning. Het is belangrijk om bij de bespreking van deze planning eveneens duidelijk te maken wie waarvoor verantwoordelijk is. Wordt er begeleiding door de club of trainer voorzien? Voor welke wedstrijden? Wat wordt er van de ouders verwacht? Wie organiseert de verplaatsing en eventueel het verblijf? Wat zijn de financiële implicaties (verplaatsing, verblijf, begeleiding, scheidsrechter)?
De administratieve verplichtingen rond inschrijving en scheidsrechtermaterie worden afgehandeld door een verantwoordelijke van de club. Schermers worden niet verondersteld op eigen initiatief inschrijvingen door te sturen.

 

De dag voor de wedstrijd

De dag voor de wedstrijd dien je je schermmateriaal te controleren en indien nodig te repareren en maak je je schermtas klaar. Deze voorbereiding maakt een belangrijk deel uit van de wedstrijd; je maakt je mentaal klaar voor de wedstrijd. De schermsport is nu eenmaal een individuele sport waarbij je het zelf moet waarmaken. Je trainer of ouders kunnen het niet voor jou doen. Dit geldt ook voor de voorbereiding en het is dan ook belangrijk dat de je dit als schermer zelf doet. Je trainer en ouders staan natuurlijk klaar om je hiermee te helpen indien nodig.

 

Wat zit er in mijn schermtas?

Bij het klaar maken van de schermtas is het interessant om alles te verlopen wat je nodig hebt.

  • Licentie, schermboekje
  • Kledij en materiaal voor op de piste (van beneden naar boven):
    • schermschoenen of andere indoor sportschoenen
    • schermkousen of andere lange kousen
    • schermbroek
    • T-shirts
    • ondervest
    • borstplaat voor meisjes en dames
    • schermvest
    • elektrisch vest
    • handschoen
    • masker + maskerkabel
    • lichaamsdraad (fil de corps)
    • wapen
    • handdoekje
    • reservemateriaal: wapens, lichaamsdraden, maskerkabels
  • Kledij voor tussen en na de wedstrijd
    • (club)training of vest
    • droge T shirts
    • douchegerief
    • kledij voor na de douche
  • Eten en drinken:
    • water
    • sportdrank
    • bananen, pasta, boterhammen, koeken …
  • Herstel -en controlemateriaal:
    • tape
    • sleutel (voor het handvat vast te zetten)
    • schroevendraaiers (klein voor de punt, groter voor de lichaamsdraad)
    • kleine tang
    • schroefjes, veertjes (floret)
    • controledoosje
    • gewicht (500g floret)
    • roestblokje
  • Een beetje geld (inschrijving, reserve).

 

De wedstrijddag

Zorg dat je ten laatste 15 minuten voor het appel of de wapencontrole (indien vroeger) in de sporthal aanwezig bent.
Eerst schrijf je je in waarbij je je geldige schermervergunning voorlegt en het inschrijvingsgeld betaalt.
Vervolgens passeer je aan de materiaalcontrole indien die er is.
Je zet je in het juiste tenue om op te warmen.
Ten laatste 30min voor de start van de wedstrijd begin je je op te warmen.
Drink regelmatig en voldoende voor en tijdens de opwarming en hou dit vol gedurende de rest van de wedstrijddag.
Een paar minuten voor de start kom je even tot rust en doe je een laatste check van je materiaal.
Leg alles klaar wat je meeneemt naast de loper (reservemateriaal, water, sportdrank, handdoekje).
Van het moment dat je opgeroepen wordt ga je naar de betreffende loper en geef je aan de scheidsrechter aan dat je er bent. Indien je linkshandig bent, kan je dat eventueel melden. Kijk even wanneer je je eerste match hebt.
Nu blijf je naast je loper tot al je matchen gedaan zijn. Na elke match controleer je je wapen en ga je na wanneer je terug aan de beurt bent.
Na je laatste match controleer je het pouleblad en teken je dit. Vergeet de scheidsrechter niet te bedanken!
Na de voorronde kan je best iets eten en ontspan je je even waarna je je klaarmaakt voor het vervolg van de wedstrijd.
Zorg dat je steeds de formule en het wedstrijdverloop goed kent zodat je de wedstrijdlocatie niet te vroeg verlaat. Het is de organisator die de formule bepaalt en er zijn allerhande formules mogelijk waarbij je na verlies nog verder mag schermen.
Na je laatste match kan je je best even ontspannen, wat loslopen en rekken om daarna te douchen.
Breng je ouders, trainer en/of club op de hoogte van het wedstrijdverloop, je ervaring en je resultaat. Ze kunnen het eventueel overmaken aan de pers of in het clubblad plaatsen. Zorg dat je aanwezig bent voor de prijsuitreiking en vergeet nadien je schermervergunning en/of boekje niet af te halen.

 

Leeftijdscategorieën

Behoudens enkele uitzonderingen worden tornooien georganiseerd per leeftijdscategorie. De leeftijdscategorieën hebben bepaalde benamingen, die spijtig genoeg van land tot land verschillen. Vanaf de categorie Junioren is alles internationaal geregeld door de FIE; voor de jongere categorieën gelden een aantal subtiele verschillen. Ga je schermen in het buitenland, kijk dan goed de leeftijdscategorieën na! Op tornooien mag je niet deelnemen als je ouder bent dan de leeftijdscategorie van het tornooi.

 

Wedstrijdniveaus

Om het niveauverschil tussen wedstrijden in kaart te brengen delen we ze in categorieën in. Het verschil zit hem in de kwaliteit van het deelnemersveld en in de nationale en internationale categorisering van de wedstrijd. We onderscheiden 6 niveaus:

  1. Olympische Spelen, wereldkampioenschap en Europees kampioenschap, Universiade
  2. A-wedstrijd; wereldbeker senior en junior en CEE -en A-wedstrijd bij de cadetten
  3. B-wedstrijd (senior B, junior B en cadetten B) en satellietwedstrijd
  4. Belgisch kampioenschap en Universitaire kampioenschappen
  5. Nationale wedstrijden en regionale in Duitsland en Frankrijk
  6. Regionale ontmoetingen en wedstrijden

 

De praktijk

Bij het begin en het einde van elke wedstrijd groeten de schermers elkaar, de scheidsrechter en het publiek.

De schermers vatten het gevecht aan tegen de stellingslijnen van de piste, in de schermhouding (en garde). Indien een schermer de achterste lijn met beide voeten overschrijdt, dan krijgt zijn tegenstander een punt. Bij het degenschermen en floretschermen is die schermloper vervaardigd uit geleidend materiaal (metaal) zodat treffers op de grond niet geregistreerd worden.
Een scheidsrechter leidt het gevecht en staat langs de zijlijn van de piste. De taken van de scheidsrechter zijn onder meer het bijhouden van de score en de tijd, het toekennen van punten en sancties en het bewaren van de orde op en rond de piste. De scheidsrechter kan geassisteerd worden door twee assessoren, een puntenteller en tijdopnemer.
Competitievormen: per ploeg en individueel.
Een ploeg bestaat uit drie schermers en eventueel één reserveschermer. Een ploegenontmoeting wordt afgewerkt volgens het Italiaanse systeem. Dit betekent dat de drie schermers van ploeg A het opnemen tegen elk van de drie schermers van ploeg B, en dit in een aflossingsformule in blokken van 5 treffers. Elke aflossing duurt maximum 3 minuten. De ploeg die als eerste 45 punten scoort, of leidt bij het verstrijken van de tijd, wint de ploegenontmoeting.
Bij individuele wedstrijden — de meest voorkomende vorm van wedstrijden — bestaan er verschillende formules.
• Het gevecht op 5 treffers in een tijdsspanne van maximum 3 minuten effectieve schermtijd
• Het gevecht op 15 treffers in een tijdsspanne van maximum 3 x 3 minuten effectieve schermtijd, telkens onderbroken door 1 minuut rusttijd (degen en floret). Het gevecht wordt door de scheidsrechter onderbroken indien er een treffer wordt toegebracht, een niet-reglementaire beweging wordt uitgevoerd, wanneer de lichamen van de schermers elkaar raken of een voet van één der schermers de zijgrenzen van het terrein overschrijdt.